Inschrijven en keuze levensbeschouwing.

De inschrijvingen gebeuren liefst op het secretariaat in Mopertingen, ook voor leerlingen die naar school zullen gaan in onze vestiging in Hees.

Inschrijven kan iedere weekdag tussen 8u30 en 16u00 (op woensdag tot 12u00). Best maakt u op voorhand even een afspraak (089 49 13 23 of via e-mail  sbsmopertingen@bilzen.be).

Als u uw kind bij ons op school komt inschrijven, heeft u één van de volgende documenten nodig:

  • het paspoortje van uw kind of
  • een uittreksel uit de geboorteakte of
  • het trouwboekje van de ouders of
  • een ander officieel document waarop de juiste schrijfwijze van de naam en ook de geboortedatum staat van uw kind

Meer info over het inschrijvingsrecht vindt u op de website van de Vlaamse overheid.

 

NIEUWE REGELGEVING:

Voorwaarde om van de derde kleuterklas over te gaan naar het eerste leerjaar:

Het aantal halve dagen dat kleuters aanwezig moeten zijn om rechtstreeks toegelaten te worden tot het gewoon lager onderwijs wordt verhoogd. Deze maatregel treedt in werking vanaf het schooljaar 2018-2019. Concreet betekent dit dat vijfjarige kleuters tijdens het schooljaar 2017-2018 ten minste 250 halve dagen aanwezig moeten geweest zijn in het kleuteronderwijs om op zesjarige leeftijd rechtstreeks toegelaten te worden tot het gewoon lager onderwijs in het schooljaar 2018-2019

 

Keuze levensbeschouwelijke vakken en wijziging keuze:

De ouders van kleuters uit de derde kleuterklas vullen voor 30 juni de formulieren keuze levensbeschouwing in en handtekenen deze. Leerlingen uit de andere leerjaren die van levensbeschouwelijk vak willen veranderen melden dit aan het secretariaat en vullen een nieuw formulier in voor 30 juni van het lopende schooljaar.

Inschrijvingen voor het lopende schooljaar en 2017- 2018

Een kleuter kan instappen als hij/zij effectief minstens twee jaar en zes maanden is op de eerste schooldag:

  • na de zomervakantie
  • na de herfstvakantie
  • na de kerstvakantie
  • van februari
  • na de krokusvakantie
  • na de paasvakantie
  • na hemelvaartsdag

Leerlingen ouder dan 3 jaar kunnen op elk moment instappen. Momenteel zijn er vrije inschrijvingen voor 2017-2018.

 

Schoolreglement 2017-2018

Hoofdstuk 1   Algemene Bepalingen

Artikel 1

Het schoolreglement regelt de verhouding tussen leerlingen en hun ouders enerzijds en de school/het schoolbestuur anderzijds.

Artikel 2

De ouders ondertekenen het schoolreglement, de infobrochure en het pedagogisch project van de school voor akkoord. Dit is een inschrijvingsvoorwaarde.

Het schoolreglement wordt door de directeur voorafgaand aan elke inschrijving van de leerling schriftelijk of via elektronische drager (schoolwebsite, e-mail, …) ter beschikking gesteld. Bij elke wijziging van het schoolreglement informeert de directeur de ouders schriftelijk of via elektronische drager. De ouders verklaren zich opnieuw schriftelijk akkoord. Indien de ouders zich met de wijziging niet akkoord verklaren, dan wordt aan de inschrijving van het kind een einde gesteld op 31 augustus van het lopende schooljaar. De school vraagt de ouders of ze ook een papieren versie van het schoolreglement en/of eventuele wijzigingen wensen en stelt deze ter beschikking.

 

Artikel 3

Dit schoolreglement eerbiedigt de internationaalrechtelijke en grondwettelijke beginselen inzake de rechten van de mens en van het kind in het bijzonder.

 

Artikel 4

Voor de toepassing van dit schoolreglement wordt verstaan onder:

 

1°         Aangetekend: met aangetekende brief of tegen afgifte van een gedateerd ontvangstbewijs.

 

2°         Extra-murosactiviteiten: activiteiten van één of méér schooldagen die plaatsvinden buiten de schoolmuren en worden georganiseerd voor één of meer leerlingengroepen.

 

3°         Klassenraad: team van personeelsleden dat onder leiding van de directeur samen de verantwoordelijkheid draagt of zal dragen voor de begeleiding van en het onderwijs aan een bepaalde leerlingengroep of individuele leerling.

 

4°         Leerlingen: de kinderen die regelmatig zijn ingeschreven in de basisschool.

 

5°         Regelmatige leerling:

 

–       voldoet aan de toelatingsvoorwaarden of wijkt hiervan wettelijk af

–       is slechts in één school ingeschreven, behalve als het kind ingeschreven is in een ziekenhuisschool (type 5)

–       is aanwezig en neemt deel aan de onderwijsactiviteiten, behalve bij gewettigde afwezigheid of wettelijke vrijstelling (deelname aan een taalbad wordt als zodanig beschouwd)

 

6°        Toelatingsvoorwaarden:

 

Om toegelaten te worden in het kleuteronderwijs moet een kind ten minste twee en een half jaar oud zijn. Als een kleuter, op het moment van de inschrijving nog geen drie jaar is, kan hij in het basisonderwijs slechts toegelaten worden op één van de volgende instapdagen:

  • de eerste schooldag na de zomervakantie;
  • de eerste schooldag na de herfstvakantie;
  • de eerste schooldag na de kerstvakantie;
  • de eerste schooldag van februari;
  • de eerste schooldag na de krokusvakantie;
  • de eerste schooldag na de paasvakantie;
  • de eerste schooldag na Hemelvaart.

  

Om in het lager onderwijs toegelaten te worden, moet een leerling zes jaar zijn vóór 1 januari van het lopende schooljaar én tenminste het voorgaande schooljaar ingeschreven zijn geweest in een door de Vlaamse Gemeenschap erkende Nederlandstalige school voor kleuteronderwijs en gedurende die periode ten minste 250 halve dagen aanwezig zijn geweest.

 

Als de kleuter geen 250 halve dagen of meer aanwezig is geweest, dan moet de klassenraad zijn toelating geven om te kunnen starten in het lager onderwijs

De beslissing en motivatie wordt aan de ouders meegedeeld uiterlijk 10 schooldagen na de eerste schooldag van september of de inschrijving.

 

Uitzonderingen:

  • Een leerling die een jaar te vroeg wil instappen in het lager onderwijs (5 jaar ten laatste op 31 december van het lopende schooljaar) wordt enkel ingeschreven, na advies van het CLB en na toelating van de klassenraad. Het beslissingsrecht van de ouders vervalt hier.

De beslissing en motivatie wordt aan de ouders meegedeeld uiterlijk 10 schooldagen na de eerste schooldag van september of de inschrijving.

  • Voor zij-instromers van 7 jaar of ouder gelden de bovenstaande voorwaarden niet.

                       

7°         Leerlingengroep: een aantal leerlingen dat samen voor een bepaalde periode eenzelfde opvoedings- of onderwijsactiviteit volgt.

 

8°         Ouders: de personen die het ouderlijk gezag uitoefenen of in rechte of in feite de   minderjarige onder hun bewaring hebben.

 

9°         Pedagogisch project: het geheel van de fundamentele uitgangspunten dat door een schoolbestuur voor een school en haar werking wordt bepaald.

 

10°       School: het pedagogisch geheel, waar onderwijs wordt georganiseerd en dat onder leiding staat van de directeur.

 

11°       Schoolbestuur: de inrichtende macht die verantwoordelijk is voor de scholen van stad Bilzen, nl. de gemeenteraad. Inzake daden van dagelijks beheer is het college van burgemeester en schepenen bevoegd.

 

12°       Schoolraad: is een officieel inspraakorgaan waarin ouders, personeel, en personen van de lokale gemeenschap vertegenwoordigd zijn.

 

13°       Werkdag: weekdagen van maandag tot vrijdag, met uitzondering van feestdagen en dagen die vallen tijdens de herfst-, kerst-, krokus- en paasvakantie.

 

14°      Schooldag: een dag waarop leerlinggebonden activiteiten georganiseerd zijn, met uitzondering van zaterdag, zondag en de schoolvakanties.

Hoofdstuk 2       Engagementsverklaring

Artikel 5

  • 1 Oudercontacten

 

De school organiseert op geregelde tijdstippen oudercontacten. De ouders en de school zelf kunnen op eigen initiatief bijkomende oudercontacten voorstellen.

De ouder(s) woont (wonen) de oudercontacten bij.

In het geval van gescheiden ouders vragen wij om –in het belang van het kind- gezamenlijk naar het oudercontact te komen.

 

  • 2 Voldoende aanwezigheid

 

De ouders zorgen ervoor dat hun kind elke schooldag en op tijd naar school komt.

 

  • 3 Deelnemen aan individuele begeleiding

 

Sommige kinderen hebben nood aan een individuele begeleiding. Voor kinderen die daar nood aan hebben, werkt de school vormen van individuele ondersteuning uit en ze maakt daarover afspraken met de ouders zoals voorzien in het zorg- en gelijke onderwijskansenbeleid van de school.

De ouders ondersteunen op een positieve manier de maatregelen die in samenspraak genomen zijn.

 

  • 4 Nederlands is de onderwijstaal van de school.

 

Ouders moedigen hun kind(eren) aan om Nederlands te leren.

Ouders ondersteunen de initiatieven en de maatregelen die de school neemt om de eventuele taalachterstand van hun kind(eren) weg te werken.

 

Hoofdstuk 3       Sponsoring

  • Artikel 6
  • 1 De school werkt voor het bereiken van de eindtermen en het nastreven van ontwikkelingsdoelen met de middelen die door de Vlaamse Gemeenschap en door het schoolbestuur ter beschikking worden gesteld.
  • 2 Om de bijdragen van de ouders voor niet-eindtermgebonden onderwijskosten te beperken, kan de school gebruik maken van geldelijke en niet-geldelijke ondersteuning door derden.
  • 3 Dergelijke ondersteuning in de vorm van mededelingen die rechtstreeks of onrechtstreeks tot doel hebben de verkoop van producten of diensten te bevorderen, kan enkel in geval van facultatieve activiteiten en na overleg in de schoolraad.
  • 4 De school zal in geval van dergelijke ondersteuning enkel vermelden dat de activiteit of een gedeelte van de activiteit ingericht werd door middel van een gift, een schenking, een gratis prestatie of een prestatie verricht onder de reële prijs door een bij name genoemde natuurlijke persoon, rechtspersoon of feitelijke vereniging.
  • 5 De bedoelde mededelingen kunnen enkel indien:
  • 1° deze mededelingen verenigbaar zijn met de pedagogische en onderwijskundige taken en doelstellingen van de school;
  • 2° deze mededelingen de objectiviteit, de geloofwaardigheid, de betrouwbaarheid en de onafhankelijkheid van de school niet in het gedrang brengen.
    • 6 In geval van vragen of problemen met betrekking tot de geldelijke of niet-geldelijke ondersteuning door derden, richt men zich tot het schoolbestuur.

 

 

Hoofdstuk 4       Kostenbeheersing

  • 1 Kosteloos
  • Het schoolbestuur vraagt geen direct of indirect inschrijvingsgeld. Het schoolbestuur vraagt geen bijdrage voor onderwijs gebonden kosten die noodzakelijk zijn om een eindterm te realiseren of een ontwikkelingsdoel na te streven.
  • De school biedt volgende materialen gratis ter beschikking, maar ze blijven eigendom van de school.

 

Lijst met materialen Voorbeelden
Bewegingsmateriaal

 

 

Ballen, touwen, (klim)toestellen, driewielers, …
Constructiemateriaal

 

Karton, hout, hechtingen, gereedschap, katrollen, tandwielen, bouwdozen, …

 

Handboeken, schriften, werkboeken en -blaadjes, fotokopieën, software

 

ICT-materiaal

 

Computers inclusief internet, tv, radio, telefoon,…

 

Informatiebronnen

 

(Verklarend) woordenboek, (kinder)krant, jeugdencyclopedie, documentatiecentrum, cd-rom, dvd, klank- en beeldmateriaal, …

 

Kinderliteratuur

 

Prentenboeken, (voor)leesboeken,   kinderromans, poëzie, strips, …

 

Knutselmateriaal

 

Lijm, schaar, grondstoffen, textiel, …
Leer- en ontwikkelingsmateriaal Spelmateriaal, lees- en rekenmateriaal, denkspellen, materiaal voor socio-emotionele ontwikkeling, …

 

Meetmateriaal Lat, graadboog, geodriehoek, tekendriehoek, klok (analoog en digitaal), thermometer, weegschaal, …

 

Multimediamateriaal

 

Audiovisuele toestellen, fototoestel, casetterecorder, dvd-speler, …

 

Muziekinstrumenten Trommels, fluiten, …

 

Planningsmateriaal

 

Schoolagenda, kalender, dagindeling, …

 

Schrijfgerief

 

Potlood, pen, …
Tekengerief Stiften, kleurpotloden, verf, penselen, …
Atlas, globe, kaarten, kompas, passer, tweetalige alfabetische woordenlijst, zakrekenmachine

 

 

 

 

  • 2 Scherpe maximumfactuur

Het schoolbestuur kan echter een beperkte bijdrage vragen voor kosten die ze maakt om de eindtermen en de ontwikkelingsdoelen te verlevendigen, om het leren in de klas boeiender en leuker te maken.

Dit gebeurt steeds na overleg met de schoolraad.

Het gaat over volgende bijdragen:

  1. de toegangsprijs voor het zwembad, met uitzondering van de leerlingengroep waarvoor   de toegangsprijs door de Vlaamse Gemeenschap wordt gedragen;
    1. de toegangsprijs bij pedagogisch-didactische uitstappen;
    2. de deelnamekosten bij eendaagse extra-murosactiviteiten;
    3. de vervoerskosten bij pedagogisch-didactische uitstappen, eendaagse extra-murosactiviteiten en zwemmen, met uitzondering van de leerlingengroep waarvoor de vervoerkosten naar het zwembad door de Vlaamse Gemeenschap worden gedragen;
    4. de aankoopprijs van turn- en zwemkledij;
  2. de kosten voor occasionele activiteiten, projecten en feestactiviteiten;
    1. …..

 

Maximumbijdrage per schooljaar:

kleuter: 45 euro

leerling lager onderwijs: 85 euro

 

Vestiging en niveau Overzicht bijdragen
Hees kleuteronderwijs  

●     Sport- en culturele activiteiten: €41 vb schaatsen, kermis, vertelfestival,…

●     Grootouderfeest: €4 tweejaarlijks

●     Sportinstuif: €2

●     Schaatsen: €2.50

Hees lager onderwijs ●     Sport- en culturele activiteiten: €38.25

●     Zwemmen: € 46.75 (17 x €2.75)

 

 

Vestiging en niveau Overzicht bijdragen
Mopertingen kleuteronderwijs ●     Toneel: €5

●     Herfstwandeling: €3

●     Kinderboerderij: €3

●     Speelmijntje: €5

●     Sportinstuif: €2

●     Sport- en culturele activiteiten: €21

●     Binnenspeeltuin: €5

Mopertingen lager onderwijs ●     Sport- en culturele activiteiten: €40

●     Zwemmen: €45 (20 x €2.25)

 

§ 3       Minder scherpe maximumfactuur

 

Voor meerdaagse extra-murosactiviteiten (bosklassen, zeeklassen, stadsklassen, …) kan enkel in de lagere school een bijdrage gevraagdworden. Dit gebeurt na overleg met de schoolraad.

 

Deze bijdrage mag maximaal 425 euro bedragen voor de volledige schoolloopbaan lager onderwijs.

 

De school organiseert voor 2017-2018 geen meerdaagse activiteiten: zeeklassen, (Tweejaarlijks)

Als kostprijs hiervoor voorzien we € 200.

  • 4 Bijdrageregeling
  • De school biedt volgende diensten en materialen aan tegen betaling:
    1. leerlingenvervoer;
  • vervoer en deelname aan buitenschoolse activiteiten (o.a. Stichting Vlaamse Schoolsport);
  • buitenschoolse opvang;
  • middagtoezicht; inbegrepen in dranken
  • abonnementen voor tijdschriften;
  • nieuwjaarsbrieven;
  • klasfoto’s;
  • steunacties.
  • ….

 

.

Voor dit soort uitgaven is er geen maximumbedrag voorzien.

  • De ouders kiezen of ze hier gebruik van maken of niet.
Vestiging en niveau Overzicht bijdragen
Hees ●     Schoolfoto’s: +/- €12 (varieert naar de aard van het bestelde pakket)

●     Drank tijdens de middagpauze: €0.70 / flesje (toezicht inbegrepen)

●     Kermis Bilzen: €8

●     Schoolreis: €15 lager onderwijs

●     Kalender: €8

●     Nieuwjaarsbrieven: €1,5

●     Abonnementen op tijdschriften die niet in de lessen gebruikt worden: afhankelijk van het aanbod

●     …

Vestiging en niveau Overzicht bijdragen
Mopertingen ●     Schoolfoto’s: +/- €15 (varieert naar de aard van het bestelde pakket)

●     Middagtoezicht: €0.25 / middag

●     Bezoek Natuurhulpcentrum: €5

●     Zwemmen: €27 (15 x €1.80)

●     Busvervoer-sportdag: €5

●     Abonnementen op tijdschriften die niet in de lessen gebruikt worden: afhankelijk van het aanbod

●     Schoolreis: ong. €15

●     …

  • Middagtoezicht is buitenschoolse opvang waarvoor aan het einde van het jaar een fiscaal attest wordt uitgereikt. Verplichte drank tijdens de middagpauze kost € 0,70. De bonnetjes hiervoor worden in de school verkocht.

 

 

Uitzondering op de scherpe maximumfactuur Kledij die de school verplicht kan uit het bedrag van de scherpe maximumfactuur gehaald worden. Hierbij moeten volgende voorwaarden vervuld zijn:

                Het moet gaan om kledij die omwille van een sociale finaliteit gezamenlijk aangekocht   wordt    door de school zodat het aan een voordelige prijs kan aangeboden worden aan            de ouders.

§ 5       Basisuitrusting

 

De school verwacht dat de leerlingen over volgende zaken beschikken: boekentas, pennenzak, turnzak (sportschoenen, korte zwarte broek, witte T-shirt), zwemgerief. De basisuitrusting valt ten laste van de ouders.

 

  • 6    Betalingen

Indien ouders problemen hebben om de schoolfactuur te betalen, nemen zij best contact op met de directeur.

  • Het schoolbestuur kan in uitzonderlijke omstandigheden, na advies van de directeur en in samenspraak met de ouders, een van de volgende afwijkingen op de leerlingenbijdragen toestaan:
    1. Verdere spreiding van betaling;
    2. Uitstel van betaling;

 

  • Ouders zijn, ongeacht hun burgerlijke staat, hoofdelijk gehouden tot het betalen van de schoolrekening. De school kan elke ouder afzonderlijk aanspreken voor het geheel van de schoolrekening. De school kan niet verplicht worden rekening te houden met de overeenkomsten die ouders getroffen hebben of door de rechtbank worden bepaald over de kosten en de opvoeding van de kinderen. Die regelingen zijn immers niet tegenstelbaar aan derden, zoals de school. De school hoeft geen gesplitste facturen te maken. Als ouders dat wensen krijgen zij beiden een identieke schoolrekening. Beide ouders blijven elk het resterende bedrag verschuldigd, tot de rekening betaald is.

Hoofdstuk 5        Extra-murosactiviteiten

 

Artikel 8

Extra-murosactiviteiten zijn activiteiten van één of meerdere volledige schooldagen die plaats vinden buiten de schoolmuren en worden georganiseerd voor één of meer leerlingengroepen.

De school streeft ernaar dat alle leerlingen deelnemen aan de extra-murosactiviteiten, aangezien ze deel uitmaken van het leerprogramma.

De ouders worden tijdig geïnformeerd over de geplande extra-murosactiviteiten.

Ouders hebben echter het recht om hun kinderen niet mee te laten gaan op extra-murosactiviteiten van een volledige dag of meer. Ze moeten deze weigering schriftelijk kenbaar maken aan de school.

Als de leerling niet deelneemt dan moet de leerling toch op school aanwezig zijn. Voor deze leerlingen voorziet de school een aangepast programma.

 

Activiteiten die volledig buiten de schooluren georganiseerd worden, vallen hier niet onder.

 

Hoofdstuk 6   Huiswerk, agenda’s, rapporten,   evaluatie en schoolloopbaan

 

 

 

Artikel 9           Huiswerk

 

De huiswerken worden genoteerd in het heen-en-weerschrift of de schoolagenda. Indien een leerling zijn huiswerk vergeet, kan de groepsleraar de nodige maatregelen nemen.

 

  • Artikel 10 Agenda

In de kleutergroep hebben de leerlingen een heen-en-weerschrift. Vanaf de eerste leerlingengroep van het lager onderwijs krijgen de leerlingen een schoolagenda. Hierin worden de taken van de leerlingen en mededelingen voor ouders dagelijks genoteerd. De ouders en de groepsleraar ondertekenen minstens wekelijks de schoolagenda of het heen-en-weerschrift.

 

    • Artikel 11 Evaluatie en rapport
  • Een samenvatting van de evaluatiegegevens van de leerling wordt neergeschreven in een rapport. Dit rapport wordt bezorgd aan de ouders, die ondertekenen voor kennisneming. Het rapport wordt, ondertekend terugbezorgd aan de groepsleraar.

De leerlingen krijgen 4 keer per schooljaar een rapport:

  • het herfstrapport: vlak voor de herfstvakantie
  • het kerstrapport: vlak voor de kerstvakantie
  • het paasrapport: vlak voor de paasvakantie
  • het zomerrapport: vlak voor de zomervakantie
  • Artikel 12 Schoolloopbaan
  • 1 Op voorwaarde dat aan alle toelatingsvoorwaarden voldaan is, nemen de ouders van de leerling de eindbeslissing inzake:
    • de overgang van kleuter- naar lager onderwijs, na kennisneming van en toelichting bij de adviezen van de klassenraad en van het CLB;
    • het volgen van nog één schooljaar lager onderwijs, als de leerling 14 jaar wordt voor 1 januari van het lopende schooljaar, en dit na kennis nemen van en toelichting bij het gunstig advies van de klassenraad en het advies van het CLB.
    • 2 Een leerling die een jaar te vroeg wil instappen in het lager onderwijs (5 jaar ten laatste op 31 december van het lopende schooljaar) wordt enkel ingeschreven, na advies van het CLB en na toelating van de klassenraad. Geeft de klassenraad geen toelating, dan vervalt het beslissingsrecht van de ouders.

 

  • 3 In alle andere gevallen neemt de school de eindbeslissing inzake het al dan niet zittenblijven van de leerling,

Een school die beslist het leerproces van een leerling te onderbreken door deze leerling het aanbod van het afgelopen schooljaar gedurende het daaropvolgende schooljaar nogmaals te laten volgen, neemt deze beslissing na overleg met het CLB. De beslissing wordt  aan de ouders schriftelijk gemotiveerd en mondeling toegelicht. De school deelt mee welke bijzondere aandachtspunten er in het daaropvolgende schooljaar voor de leerling zijn.

  • Hoofdstuk 7 Afwezigheden en te laat komen
  • Artikel 13 Afwezigheden
  • Zowel voor kleuters als voor leerlingen lager onderwijs is een voldoende aanwezigheid noodzakelijk voor een vlotte schoolloopbaan.
    • Afwezigheden worden telefonisch/schriftelijk meegedeeld aan de school.
    • 1 Kleuteronderwijs
    • Er is geen medisch attest nodig voor afwezigheden van kleuters.
    • Voor een leerplichtige leerling die nog een jaar in het kleuteronderwijs doorbrengt, gelden de regels van het lager onderwijs.
    • 2 Lager onderwijs
  • 1° Afwezigheid wegens ziekte:
  1. a) een verklaring van ziekte ondertekend en gedateerd door een ouder. Dit kan hoogstens vier maal per schooljaar worden ingediend. De verklaring vermeldt de naam van de leerling, de klasgroep, de reden van afwezigheid, de begindatum en de vermoedelijke einddatum.
  1. b) een medisch attest:

–       als de ouders al vier maal in een schooljaar zelf een verklaring wegens ziekte hebben ingediend;

–       bij een afwezigheid wegens ziekte van meer dan drie opeenvolgende kalenderdagen;

  • 2° Afwezigheid van rechtswege:
  • Bij een afwezigheid van rechtswege bezorgen de ouders aan de directeur of de groepsleraar een ondertekende verklaring of een officieel document. De verklaring vermeldt de naam van de leerling, de klasgroep, de reden van afwezigheid, de begindatum en de vermoedelijke einddatum. Het gaat om volgende gevallen:
  • het bijwonen van een familieraad;
  • het bijwonen van een begrafenis- of huwelijksplechtigheid van een persoon die onder hetzelfde dak woont als de leerling of van een bloed- of aanverwant van de      leerling;
  • de oproeping of dagvaarding voor de rechtbank;
  • het onderworpen worden aan maatregelen in het kader van de bijzondere jeugdzorg en de jeugdbescherming;
  • de onbereikbaarheid of ontoegankelijkheid van de school door overmacht;
  • het beleven van feestdagen die inherent zijn aan de door de grondwet erkende levensbeschouwelijke overtuiging van een leerling.
  • het actief deelnemen in het kader van een individuele selectie of lidmaatschap van een vereniging als topsportbelofte aan sportieve manifestaties. Maximaal 10           al dan niet gespreide halve schooldagen per schooljaar.
  • 3° Afwezigheid mits voorafgaandelijke toestemming van de directeur:
  • Bij een afwezigheid met toestemming van de directeur bezorgen de ouders aan de directeur een ondertekende verklaring of een officieel document. De verklaring vermeldt de naam van de leerling, de klasgroep, de reden van afwezigheid, de begindatum en de vermoedelijke einddatum.
  • 4° Afwezigheid wegens verplaatsingen van de trekkende bevolking:
  • In uitzonderlijke omstandigheden kan de afwezigheid van kinderen van binnenschippers, kermis- en circusexploitanten en -artiesten en woonwagenbewoners gewettigd zijn om de ouders te vergezellen tijdens hun verplaatsingen. De afspraken over de modaliteiten aangaande het onderwijs op afstand en aangaande de communicatie tussen de school en de ouders worden vastgelegd in een overeenkomst tussen de directeur en de ouders.
  • 5° Afwezigheden voor topsport voor de sporten tennis, zwemmen en gymnastiek mits toestemming van de directie:
  • Deze categorie afwezigheden kan slechts worden toegestaan voor maximaal zes lestijden per week (verplaatsingen inbegrepen) en kan enkel als de school voor de betrokken topsportbelofte over een dossier beschikt dat volgende elementen bevat:
  • een gemotiveerde aanvraag van de ouders;
  • een verklaring van een bij de Vlaamse sportfederatie aangesloten sportfederatie;
  • een medisch attest van een sportarts verbonden aan een erkend keuringscentrum van de Vlaamse Gemeenschap;
  • een akkoord van de directie.
    • 6° Afwezigheden omwille van revalidatie tijdens de lestijden:
  1. a) de afwezigheid omwille van revalidatie na ziekte of ongeval, en dit gedurende maximaal 150 minuten per week, verplaatsing inbegrepen.

 

Om een beslissing te kunnen nemen, moet de school beschikken over een dossier dat minstens de volgende elementen bevat:

  • een verklaring van de ouders waarom de revalidatie tijdens de lestijden moet plaatsvinden;
  • een medisch attest waaruit de noodzakelijkheid, de frequentie en de duur van de revalidatie blijkt;
  • een advies, geformuleerd door het CLB, na overleg met de klassenraad en de ouders;
  • een toestemming van de directeur voor een periode die de duur van de behandeling, vermeld in het medisch attest, niet kan overschrijden.

Uitzonderlijk kunnen de 150 minuten overschreden worden, mits gunstig advies van de arts van het CLB, in overleg met de klassenraad en de ouders.

 

  1. b) de afwezigheid gedurende maximaal 150 minuten per week, verplaatsing inbegrepen voor de behandeling van een stoornis die is vastgelegd in een officiële diagnose.

 

Om een beslissing te kunnen nemen, moet de school beschikken over een dossier dat ten minste de volgende elementen bevat:

  • een verklaring van de ouders waarom de revalidatie tijdens de lestijden moet plaatsvinden;
  • een advies, geformuleerd door het CLB in overleg met de klassenraad en de ouders;
  • een samenwerkingsovereenkomst tussen de school en de revalidatieverstrekker. De revalidatieverstrekker bezorgt op het einde van elk schooljaar een evaluatieverslag;
  • een toestemming van de directeur, die jaarlijks vernieuwd en gemotiveerd moet worden, rekening houdend met het evaluatieverslag waarvan sprake in punt 3).

 

In uitzonderlijke omstandigheden en mits gunstig advies van het CLB in overleg met de klassenraad en de ouders, kan de maximumduur van 150 minuten voor leerplichtige kleuters uitgebreid worden tot 200 minuten, verplaatsing inbegrepen.

 

Voor leerlingen die vallen onder de toepassing van het besluit van de Vlaamse Regering van 12 december 2003 betreffende de integratie van leerlingen met een matige of ernstige verstandelijke handicap in het gewoon lager en secundair onderwijs kan de afwezigheid maximaal 250 minuten per week bedragen, verplaatsing inbegrepen.

  • 3 Problematische afwezigheden
  • Alle afwezigheden die niet zijn opgesomd of niet kunnen worden gewettigd zoals beschreven onder § 2 worden ten aanzien van de leerling beschouwd als problematische afwezigheden. Ook afwezigheden gewettigd door een twijfelachtig medisch attest, met name de ‘dixit’ -attesten, geantidateerde attesten en attesten die een niet-medische reden vermelden, worden als problematische afwezigheden beschouwd.
  • In deze gevallen zal de directeur contact opnemen met de ouders. De ouders kunnen deze afwezigheid alsnog wettigen. Vanaf meer dan tien halve schooldagen problematische afwezigheden heeft de school een meldingsplicht ten opzichte van het CLB. Het CLB voorziet begeleiding voor de betrokken leerling, in samenwerking met de school.
  • Artikel 14 Te laat komen

 

  • 1 Kinderen moeten op tijd op school zijn. Een leerling die toch te laat komt, begeeft zich zo spoedig mogelijk naar de klasgroep. De ouders worden bij herhaaldelijk te laat komen van hun kind gecontacteerd door de directie/leerkracht. Ze maken hierover afspraken.
  • 2 In uitzonderlijke gevallen kan een leerling die daarvoor een gewettigde reden heeft, de school voor het einde van de schooldag verlaten. Dit kan enkel na toestemming van de directeur. Indien  leerlingen vroegtijdig afgehaald worden door iemand anders dan één van de ouders, kan dit enkel mits schriftelijke toestemming van de ouders. Wanneer een leerling de school vroegtijdig dient te verlaten, mag hij of zij niet zelfstandig de school verlaten, d.w.z. dat de leerling dient afgehaald te worden in de school.

De school is toegankelijk ( met uitzondering van het secretariaat in Mopertingen en Munsterbilzen) een kwartier voor het aanvangen van de lessen en een kwartier na het beëindigen van de lessen. Leerlingen die te vroeg aan de schoolpoort staan maken daar geen lawaai.

Na schooltijd gaan alle leerlingen zo snel mogelijk via de kortste of veiligste weg naar huis.

 

Hoofdstuk 8    Schending van de leefregels, preventieve schorsing, tijdelijke en definitieve uitsluiting

Artikel 15          Leefregels

 

Ouders stimuleren hun kind om de leefregels van de school ( zie infobrochure) na te leven.

 

  • Artikel 16 Schending van de leefregels en ordemaatregelen 
  • 1 Indien een leerling door zijn gedrag de leefregels schendt of de goede orde in de school in het gedrang brengt, kunnen maatregelen worden genomen.
  • 2 Deze maatregelen kunnen zijn:
  • een mondelinge opmerking;
  • een schriftelijke opmerking in de schoolagenda of het heen-en-weerschrift die de ouders ondertekenen voor gezien;
  • een extra taak die de ouders ondertekenen voor gezien;

 

 

  • Deze opsomming sluit niet uit dat een andere maatregel wordt genomen, aangepast aan het onbehoorlijk gedrag van de leerling. Deze maatregelen kunnen worden genomen door de directeur of elk personeelslid van de school met een kindgebonden opdracht.
  • 3 Meer verregaande maatregelen kunnen zijn:
  • Een gesprek tussen de directeur en de betrokken leerling. De directeur maakt hiervan melding in de schoolagenda of het heen-en-weerschrift. De ouders ondertekenen voor gezien.

 

  • De groepsleraar en/of de directeur nemen contact op met de ouders en bespreken het gedrag van de leerling. Van dit contact wordt een verslag gemaakt. Het verslag wordt door de ouders ondertekend voor gezien;

 

  • Preventieve schorsing :

 

Een preventieve schorsing is een uitzonderlijke maatregel die de directeur voor een leerplichtige leerling in het lager onderwijs kan hanteren als bewarende maatregel om de leefregels te handhaven en om te kunnen nagaan of een tuchtsanctie aangewezen is. De leerling mag gedurende maximaal vijf opeenvolgende schooldagen de lessen en activiteiten van zijn leerlingengroep niet volgen. De directeur kan, mits motivering aan de ouders, beslissen om die periode eenmalig met maximaal vijf opeenvolgende schooldagen te verlengen indien door externe factoren het tuchtonderzoek niet binnen die eerste periode kan worden afgerond. De preventieve schorsing kan onmiddellijk uitwerking hebben en de school stelt de ouders in kennis van de preventieve schorsing. De school voorziet opvang voor de leerling, tenzij de school aan de ouders motiveert waarom dit niet haalbaar is.

 

  • 4 Indien vermelde maatregelen niet het gewenste effect hebben, kan een individueel begeleidingsplan met meer bindende gedragsregels worden vastgelegd door de directeur. Dit moet ertoe bijdragen dat een goede samenwerking met personeelsleden en/of medeleerlingen opnieuw mogelijk wordt. Dit begeleidingsplan wordt opgesteld door de groepsleraar en de directeur. Het wordt steeds besproken met de ouders. Het wordt van kracht van zodra de ouders het begeleidingsplan ondertekenen voor akkoord. Indien de ouders niet akkoord gaan met het individueel begeleidingsplan, kan de directeur onmiddellijk overgaan tot het opstarten van een tuchtprocedure.
  • 5 Tegen geen enkele van deze ordemaatregelen is er beroep mogelijk.
  • Artikel 17 Tuchtmaatregelen: tijdelijke en definitieve uitsluiting van leerlingen
  • 1 Het onbehoorlijk gedrag van een leerling kan uitzonderlijk een tuchtmaatregel noodzakelijk maken.
  • 2 Een tuchtmaatregel kan worden opgelegd indien de leerling:
    • het verstrekken van opvoeding en onderwijs in gevaar brengt;
    • de verwezenlijking van het pedagogisch project van de school in het gedrang brengt;
    • ernstige of wettelijk strafbare feiten pleegt;
    • zich niet houdt aan het eventueel opgesteld individueel begeleidingsplan;
    • de naam van de school of de waardigheid van het personeel aantast;
    • de school materiële schade toebrengt.
    • 3 Tuchtmaatregelen zijn:

Tijdelijke uitsluiting

 

De directeur kan, in uitzonderlijke gevallen, een leerplichtige leerling in het lager onderwijs tijdelijk uitsluiten. Een tijdelijke uitsluiting is een tuchtsanctie die inhoudt dat de gesanctioneerde leerling gedurende minimaal één schooldag en maximaal vijftien opeenvolgende schooldagen de lessen en activiteiten van zijn leerlingengroep niet mag volgen. Een nieuwe tijdelijke uitsluiting kan enkel na een nieuw feit. De school voorziet opvang voor de leerling, tenzij de school aan de ouders motiveert waarom dit niet haalbaar is.

 

Definitieve uitsluiting.

 

  • De directeur kan, in uitzonderlijke gevallen, een leerplichtige leerling in het lager onderwijs definitief uitsluiten. Een definitieve uitsluiting is een tuchtsanctie die inhoudt dat de gesanctioneerde leerling wordt uitgeschreven op het moment dat die leerling in een andere school is ingeschreven en uiterlijk één maand, vakantieperioden tussen 1 september en 30 juni niet inbegrepen.
  • In afwachting van een inschrijving in een andere school mag de gesanctioneerde leerling de lessen en activiteiten van zijn leerlingengroep niet volgen. De school voorziet opvang voor de leerling, tenzij de school aan de ouders motiveert waarom dit niet haalbaar is.
  • 4 Er is geen mogelijkheid tot collectieve uitsluiting: elke leerling wordt afzonderlijk worden behandeld.
  • 5 Het schoolbestuur kan de inschrijving weigeren in een school waar de betrokken leerling het huidige, vorige of het daaraan voorafgaande schooljaar definitief werd uitgesloten.
  • Artikel 18 Tuchtprocedure
  • 1 De directeur kan beslissen tot een tijdelijke of definitieve uitsluiting.
  • 2 De directeur volgt daarbij volgende procedure:

 

1° het voorafgaandelijke advies van de klassenraad moet worden ingewonnen. In geval van de intentie tot een definitieve uitsluiting moet de klassenraad uitgebreid worden met een vertegenwoordiger van het CLB die een adviserende stem heeft;

 

2° de intentie tot een tuchtmaatregel wordt na bijeenkomst van de klassenraad aangetekend aan de ouders bezorgd, binnen de drie schooldagen. De school verwijst in de kennisgeving naar de mogelijkheid tot inzage in het tuchtdossier, met inbegrip van het advies van de klassenraad, na afspraak.

De ouders hebben het recht om te worden gehoord, eventueel bijgestaan door een vertrouwenspersoon.

 

Dit gesprek moet uiterlijk vijf schooldagen na ontvangst van de kennisgeving plaatsvinden.

  • 3° De tuchtstraf moet in overeenstemming zijn met de ernst van de feiten.

 

4° De genomen beslissing van de directeur wordt schriftelijk gemotiveerd en binnen de drie schooldagen aangetekend  aan de ouders bezorgd. In dit aangetekend schrijven wordt de mogelijkheid vermeld tot het instellen van het beroep, alsook de bepalingen uit het schoolreglement die hier betrekking op hebben.

 

 

  • Artikel 19 Tuchtdossier

Een tuchtdossier van een leerling wordt opgesteld en bijgehouden door de directeur.

  • Het tuchtdossier omvat een opsomming van:
  • de gedragingen
  • de reeds genomen ordemaatregelen;
  • de gedragingen die niet overeenstemmen met het individueel begeleidingsplan;
  • de reacties van de ouders op eerder genomen maatregelen;
  • het gemotiveerd advies van de klassenraad;
  • het tuchtvoorstel en de bewijsvoering ter zake.

Artikel 20 Beroepsprocedure tegen tijdelijke uitsluiting

  • 1 Er is geen beroep mogelijk bij een tijdelijke uitsluiting.

Artikel 21         Beroepsprocedure tegen definitieve uitsluiting

  • 1 Ouders kunnen een beslissing tot definitieve uitsluiting betwisten en kunnen een beroepsprocedure instellen. De ouders stellen het beroep in bij het schoolbestuur.

Dit beroep moet binnen de vijf schooldagen na kennisneming van de feiten aangetekend ingediend worden bij het schoolbestuur.

 

Het beroep:

  • wordt gedateerd en ondertekend
  • vermeldt ten minste het voorwerp van beroep met omschrijving en motivering van de ingeroepen bezwaren.
  • kan aangevuld worden met overtuigingsstukken

 

  • 2 Het beroep wordt behandeld door een beroepscommissie , opgericht door het schoolbestuur.

 

  • 3 De beroepscommissie bestaat uit een delegatie van twee externe leden en een delegatie van twee interne leden en wordt in functie van een concreet beroep samengesteld door het college van burgemeester en schepenen.

 

  • 4 De voorzitter wordt door het College van burgemeester en schepenen onder de externe leden aangeduid

 

Het schoolbestuur bepaalt de samenstelling van de beroepscommissie, met inachtneming van volgende bepalingen:

 

1° de samenstelling van de beroepscommissie kan per te behandelen dossier verschillen, maar kan binnen het te behandelen dossier niet wijzigen;

2° de samenstelling is als volgt:

  • “interne leden”, zijnde leden intern aan het schoolbestuur of intern aan de school waar de betwiste beslissing tot definitieve uitsluiting is genomen, met uitzondering van de directeur die de beslissing heeft genomen;
  • externe leden”, zijnde personen die extern zijn aan het schoolbestuur en extern aan de school waar de betwiste beslissing tot definitieve uitsluiting is genomen.

 

In voorkomend geval en voor de toepassing van deze bepalingen:

  1. a) wordt een persoon die vanuit zijn hoedanigheden zowel een intern lid als een extern lid is, geacht een intern lid te zijn;
  2. b) wordt een lid van de ouderraad of, met uitzondering van het personeel, de school- raad van de school waar de betwiste beslissing tot definitieve uitsluiting is genomen, geacht een extern lid te zijn, tenzij de bepaling vermeld in punt a) van toepassing is;

 

De werking van de beroepscommissie

4°Het schoolbestuur bepaalt de werking, met inbegrip van de stemprocedure, van een beroepscommissie, met inachtneming van volgende bepalingen:

1° elk lid van een beroepscommissie is in beginsel stemgerechtigd, met dien verstande dat bij stemming het aantal stemgerechtigde interne leden van de beroepscommissie en het aantal stemgerechtigde externe leden van de beroepscommissie gelijk moet zijn; bij staking van stemmen is de stem van de voorzitter doorslaggevend;

2° elk lid van een beroepscommissie is aan discretieplicht onderworpen;

3° een beroepscommissie hoort de ouders in kwestie;

4° een beroepscommissie beslist autonoom over de stappen die worden gezet om tot een gefundeerde beslissing te komen, waaronder eventueel het horen van een of meer leden van de klassenraad die een advies over de definitieve uitsluiting heeft gegeven;

5° de werking van een beroepscommissie kan geen afbreuk doen aan de statutaire rechten van de individuele personeelsleden van het onderwijs;

6° een beroepscommissie oordeelt of de genomen beslissing alleszins in overeenstemming is met de decretale en reglementaire onderwijsbepalingen en met het schoolreglement.

 

Het schoolbestuur aanvaardt de verantwoordelijkheid voor deze beslissing van de beroepscommissie.

 

 

  • 5 Het beroep door een beroepscommissie kan leiden tot:

1° de gemotiveerde afwijzing van het beroep op grond van onontvankelijkheid als:

  1. a) de in het schoolreglement opgenomen termijn voor indiening van het beroep is overschreden;
  2. b) het beroep niet voldoet aan de vormvereisten opgenomen in het schoolreglement;

2° de bevestiging van de definitieve uitsluiting,

 

3° de vernietiging van de definitieve uitsluiting.

 

 

  • 6 Het resultaat van het beroep wordt gemotiveerd en aangetekend aan de ouders bezorgd binnen de drie schooldagen na de beslissing van de beroepscommissie.

 

  • 7 Bij overschrijding van deze vervaltermijn is de omstreden definitieve uitsluiting van rechtswege nietig.
  • 8 Het beroep schort de uitvoering van de beslissing tot definitieve uitsluiting niet op.

Hoofdstuk 9       Getuigschrift basisonderwijs

 

Artikel 22         Het getuigschrift toekennen

  • Het schoolbestuur kan een getuigschrift basisonderwijs uitreiken, op voordracht en na beslissing van de klassenraad Het getuigschrift wordt toegekend uiterlijk op 30 juni van het lopende schooljaar, of na een beroepsprocedure.
  • De regelmatige leerling ontvangt het getuigschrift basisonderwijs indien uit het leerlingendossier blijkt dat de leerling bij het voltooien van het lager onderwijs de doelen opgenomen in het leerplan in voldoende mate heeft bereikt.

Artikel 23         Het getuigschrift niet toekennen

  • Als de klassenraad het getuigschrift niet toekent, motiveert hij zijn beslissing op basis van het leerlingendossier en deelt het schoolbestuur dit uiterlijk op 30 juni van het lopende schooljaar aangetekend mee aan de ouders.
  • Iedere leerling die bij het voltooien van het lager onderwijs geen getuigschrift basisonderwijs krijgt, heeft recht op een schriftelijke motivering met inbegrip van bijzondere aandachtspunten voor de verdere schoolloopbaan, en een verklaring met de vermelding van het aantal en de soort van de gevolgde schooljaren lager onderwijs, afgeleverd door de directie.
  • Ouders die niet akkoord gaan met deze beslissing, kunnen uiterlijk binnen de drie werkdagen een overleg vragen met de directeur De bedoeling van dit overleg is om alsnog tot een overeenkomst te komen zonder dat de formele beroepsprocedure opgestart moet worden.
  • Dit overleg vindt plaats binnen de twee werkdagen na de aanvraag tot gesprek.
  • De school kan dit overleg niet weigeren en er moet een schriftelijke verslag van gemaakt worden.
  • In dit verslag wordt meteen opgenomen of de directeur de klassenraad al dan niet opnieuw samenroept.
  • Wanneer de ouders niet akkoord gaan met de beslissing (hetzij om de klassenraad niet bijeen te roepen, hetzij om het getuigschrift niet toe te kennen), dan wijst de school de ouders schriftelijk op de mogelijkheid tot beroep bij de beroepscommissie.
  • Indien de klassenraad bij zijn oorspronkelijke beslissing blijft, wordt zij opnieuw gemotiveerd en door het schoolbestuur aangetekend meegedeeld aan de ouders, uiterlijk binnen de drie werkdagen . Wanneer de ouders niet akkoord gaan met de beslissing dan wijst de school de ouders schriftelijk op de mogelijkheid tot beroep bij de beroepscommissie.
  • .
  • Artikel 24 Beroepsprocedure
  • 1 Ouders kunnen het niet-toekennen van een getuigschrift door de klassenraad betwisten en kunnen een beroepsprocedure instellen, na voorgaande stappen, zoals beschreven in artikel 23 .
  • Dit beroep moet door de ouders aangetekend en binnen de vijf werkdagen ingediend worden bij het schoolbestuur.

Het beroep:

  • wordt gedateerd en ondertekend;
  • vermeldt ten minste het voorwerp van beroep met omschrijving en motivering van de ingeroepen bezwaren;
  • kan aangevuld worden met overtuigingsstukken;

 

  • 2 Het beroep wordt behandeld door een beroepscommissie, opgericht door het schoolbestuur.

 

Het schoolbestuur stelt de beroepscommissie samen, met inachtneming van volgende bepalingen:

1° de samenstelling kan per te behandelen dossier verschillen, doch kan binnen het te behandelen  dossier niet wijzigen;

2° de samenstelling is als volgt:

  • interne leden”, zijnde leden van de klassenraad die besliste het getuigschrift basisonderwijs niet toe te kennen, waaronder alleszins de directeur eventueel aangevuld met een lid van het schoolbestuur
  • externe leden”, zijnde personen die extern zijn aan dat schoolbestuur en extern aan de school die besliste het getuigschrift basisonderwijs niet uit te reik

In voorkomend geval en voor de toepassing van deze bepalingen:

  1. a) wordt een persoon die vanuit zijn hoedanigheden zowel een intern lid als een extern lid is, geacht een intern lid te zijn;
  2. b) wordt een lid van de ouderraad of, met uitzondering van het personeel, de schoolraad van de school die besliste het getuigschrift basisonderwijs niet toe te kennen, geacht een extern lid te zijn, tenzij de bepaling vermeld in punt a) van toepassing is;

3° de voorzitter wordt door het schoolbestuur onder de externe leden aangeduid.

 

4° Het schoolbestuur bepaalt de werking, met inbegrip van de stemprocedure, van de beroepscommissie, met inachtneming van volgende bepalingen:

1° elk lid van een beroepscommissie is in beginsel stemgerechtigd, met dien verstande dat bij stemming het aantal stemgerechtigde interne leden van de beroepscommissie en het aantal stemgerechtigde externe leden van de beroepscommissie gelijk moet zijn; bij staking van stemmen is de stem van de voorzitter doorslaggevend;

2° elk lid van een beroepscommissie is aan discretieplicht onderworpen;

3° een beroepscommissie hoort de ouders in kwestie;

4° een beroepscommissie beslist autonoom over de stappen die worden gezet om tot een gefundeerde beslissing te komen, waaronder eventueel het horen van een of meer leden van de klassenraad die het getuigschrift basisonderwijs niet toegekend heeft;

5° de werking van een beroepscommissie kan geen afbreuk doen aan de statutaire rechten van individuele personeelsleden van het onderwijs;

6° een beroepscommissie oordeelt of de genomen beslissing alleszins in overeenstemming is met de reglementaire onderwijsbepalingen en met het schoolreglement”.

 

 

  • 3 De beroepscommissie komt bijeen uiterlijk tien werkdagen na het ontvangen van het beroep.

De beroepsprocedure wordt voor de duur van zes weken opgeschort met ingang van 11 juli.

 

  • 4 Het beroep door een beroepscommissie kan leiden tot:

1° de gemotiveerde afwijzing van het beroep op grond van onontvankelijkheid als:

  1. a) de in het schoolreglement opgenomen termijn voor indiening van het beroep is overschreden;
  2. b) het beroep niet voldoet aan de vormvereisten opgenomen in het schoolreglement;

2° de bevestiging van het niet toekennen van het getuigschrift basisonderwijs;

3° de toekenning van het getuigschrift basisonderwijs.

 

Het schoolbestuur aanvaardt de verantwoordelijkheid voor de beslissing van de beroepscommissie.

  • 5 Het resultaat van het beroep wordt gemotiveerd en aangetekend aan de ouders bezorgd, gebracht, uiterlijk op 15 september daaropvolgend.

 

In de mate van het mogelijke wordt de beslissing vroeger dan de eerste schooldag van september genomen, zodat de leerling op 1 september het schooljaar kan beginnen.

  • 6 De ouders kunnen zich gedurende de procedure laten bijstaan door een raadsman. Dit kan geen personeelslid van de school zijn.
    • Artikel 25

Iedere leerling die bij het voltooien van het lager onderwijs geen getuigschrift basisonderwijs krijgt, heeft recht op een schriftelijke motivering met inbegrip van bijzondere aandachtspunten voor de verdere schoolloopbaan, en een verklaring met de vermelding van het aantal en de gevolgde schooljaren lager onderwijs, afgeleverd door de directie.

  • Artikel 26
  • Het meegeven van het getuigschrift en rapport kan om geen enkele reden worden ingehouden, ook niet bij verzuim door de ouders van hun financiële v
  • Hoofdstuk 10 Onderwijs aan huis en synchroon internetonderwijs.
    • Artikel 27
    • 1 Het onderwijs aan huis is kosteloos.
    • 2 Een kind dat ten laatste op 31 december van het lopende schooljaar vijf jaar wordt of ouder is dan vijf, heeft recht op tijdelijk onderwijs aan huis, synchroon internetonderwijs of een combinatie van beide, indien volgende voorwaarden gelijktijdig zijn vervuld:
      1. de leerling is meer dan eenentwintig opeenvolgende kalenderdagen afwezig wegens ziekte of ongeval, of de leerling is chronisch ziek en is negen halve dagen afwezig;
      2. de ouders dienen een schriftelijke aanvraag, vergezeld van een medisch attest, in bij de directeur. Uit het medisch attest blijkt dat de leerling de school niet kan bezoeken en dat het toch onderwijs mag volgen;
      3. de afstand tussen de school en de verblijfplaats van de betrokken leerling bedraagt ten hoogste tien kilometer.
  • 3 De aanvraag voor tijdelijk onderwijs aan huis ,synchroon internetonderwijs of een combinatie van beide gebeurt door de ouders, per brief of via een specifiek aanvraagformulier. Bij de aanvraag voegen de ouders een medisch attest waarop wordt vermeld:
  1. dat het kind langer dan 21 kalenderdagen afwezig is wegens ziekte of ongeval;
    1. de vermoedelijke duur van de afwezigheid;
    2. dat het kind niet minder dan halftijds naar school kan..

Bij chronisch zieke kinderen volstaat een medisch attest van een geneesheer-specialist met de verklaring dat de leerling lijdt aan een chronische ziekte en dat de behandeling minstens 6 maanden zal duren.

  • 4 Indien aan al deze voorwaarden is voldaan, zal de school de dag na het ontvangen van de aanvraag en vanaf de tweeëntwintigste kalenderdag afwezigheid en voor de verdere duur van de afwezigheid van het kind, voor vier lestijden per week onderwijs aan huis verstrekken het synchroon internetonderwijs of een combinatie van beiden .
  • Bij chronisch zieke kinderen is onderwijs aan huis, synchroon internetonderwijs of een combinatie van beiden mogelijk telkens het kind negen halve dagen (hoeven niet aan te sluiten) afwezig was.
  • 5 Bij verlenging van de afwezigheid moeten de ouders opnieuw een schriftelijke aanvraag, vergezeld van een medisch attest, indienen bij de directeur.
  • Bij chronisch zieke leerlingen hoeft er niet telkens opnieuw een medisch attest voorgelegd worden en volstaat een schriftelijke aanvraag van de ouders.
  • 6 Kinderen die na een periode van onderwijs aan huis, synchroon internetonderwijs of een combinatie van beiden, de school hervatten, maar binnen een termijn van 3 maanden opnieuw afwezig zijn wegens ziekte, hebben onmiddellijk recht op onderwijs aan huis, synchroon internetonderwijs of een combinatie van beiden. Wel moet het onderwijs aan huis opnieuw worden aangevraagd volgens de procedure beschreven in §3, 2e en 3e punt.
  • 7 De concrete organisatie wordt bepaald na overleg met de directeur.
  • 9. De centrale organisator voor synchroon internetonderwijs is vzw Bednet. Bednet

bepaalt autonoom welke leerlingen in aanmerking komen voor synchroon

internetonderwijs op basis van een aantal criteria ,waaronder de

ondersteuningsbehoefte van de leerling en het positief engagement van de

leerling, de ouders, de school en het CLB.

  • 10. Bij een langdurige afwezigheid wordt een minimale afwezigheid van 4 weken

vooropgesteld vooraleer de leerling recht heeft op synchroon internetonderwijs.

  • 11. Bij een frequente afwezigheid wordt een minimale geplande afwezigheid van 36

halve dagen op jaarbasis vooropgesteld vooraleer een leerling recht heeft op

synchroon internetonderwijs.

  • 12. Synchroon internetonderwijs kan door alle betrokkenen bij de begeleiding van de

leerling aangevraagd worden via de website van vzw Bednet

 

Hoofdstuk 11     Schoolraad, ouderraad en leerlingenraad

Artikel 28

 

De schoolraad wordt samengesteld uit vertegenwoordigers van de volgende geledingen:

1° de ouders;

2° het personeel;

3° de lokale gemeenschap

 

Artikel 29

 

Er wordt een ouderraad opgericht, wanneer ten minste tien procent van de ouders erom vraagt. Het moet gaan over ten minste drie ouders.

De leden van de ouderraad worden verkozen door en uit de ouders. Iedere ouder kan zich verkiesbaar stellen en kan één stem uitbrengen. De stemming is geheim.

Artikel 30

 

De school richt een leerlingenraad op als ten minste 10% van de leerlingen van het vijfde en zesde leerjaar er om vragen.

 

Hoofdstuk 12     Leerlingengegevens, privacy en gegevensbescherming

 

Artikel 30: Gegevensbescherming en informatieveiligheid

 

De school verwerkt persoonsgegevens van leerlingen en ouders in het kader van haar

opdracht. Het schoolbestuur is de eindverantwoordelijke voor deze verwerking en de

veiligheid ervan.

Het schoolbestuur en de school leven de verplichtingen na die voortvloeien uit de

regelgeving inzake privacy en gegevensbescherming en gaan zorgvuldig om met deze

persoonsgegevens. Het schoolbestuur zorgt voor een afdoend niveau van

gegevensbescherming en informatieveiligheid. Het beschikt hiervoor over een

informatieveiligheidsconsulent. De school heeft een aanspreekpunt dat in contact staat met

de informatieveiligheidsconsulent en betrokken wordt in het informatieveiligheidsbeleid van

het schoolbestuur (wat onderwijs betreft).

De school zal enkel gegevens verwerken met de toestemming van de ouders, tenzij er een

andere wettelijke grondslag is voor de verwerking. Deze toestemming moet vrij, specifiek,

geïnformeerd en ondubbelzinnig zijn.

Over het gebruik van social media in de klas worden afspraken gemaakt.

De school is transparant over de verwerking van persoonsgegevens en verstrekt de nodige

informatie, al dan niet in detail, met inbegrip van de afspraken die gemaakt zijn met derden

en bewerkers die persoonsgegevens ontvangen.

Verder hanteert de school een strikt beleid inzake toegangsrechten en paswoorden en

reageert ze adequaat op datalekken.

De meer concrete regels voor de gegevensverwerking en -bescherming worden vastgelegd

in een privacyreglement dat tot doel heeft:

  • de persoonlijke levenssfeer van de betrokkenen te beschermen tegen verkeerd en

onbedoeld gebruik van de persoonsgegevens;

  • vast te stellen welke persoonsgegevens worden verwerkt en met welk doel dit

gebeurt;

  • de zorgvuldige verwerking van persoonsgegevens te waarborgen;
  • de rechten van betrokkene te waarborgen.
  • De school zal de ouders en leerlingen op geregelde tijdstippen informeren over de

voortgang van dit privacyreglement.

 

  • Artikel 31

Meedelen van leerlingengegevens aan ouders

 

Ouders hebben recht op inzage en recht op toelichting bij de gegevens die op de leerling betrekking hebben, waaronder de evaluatiegegevens, die worden verzameld door de school. Indien na de toelichting blijkt dat de ouders een kopie willen van de leerlingengegevens, hebben ze kopierecht. Iedere kopie dient persoonlijk en vertrouwelijk behandeld te worden, mag niet verspreid worden noch publiek worden gemaakt en mag enkel gebruikt worden in functie van de onderwijsloopbaan van de leerling.

 

Als een volledige inzage in de leerlingengegevens een inbreuk is op de privacy van een derde, dan wordt de toegang tot deze gegevens verstrekt via een gesprek, gedeeltelijke inzage of rapportage.

 

Artikel 32

Meedelen van leerlingengegevens aan derden

 

De school zal geen leerlingengegevens meedelen aan derden, tenzij voor de toepassing van

een wettelijke of reglementaire bepaling of in het kader van een overeenkomst die de school

afsluit met een verwerker voor leerplatformen, leerlingvolgsystemen, leerlingenadministratie

 

Bij verandering van school door een leerling worden tussen de betrokken scholen leerlingengegevens overgedragen op voorwaarde dat:

 

1° de gegevens enkel betrekking hebben op de leerlingspecifieke onderwijsloopbaan;

2° de overdracht gebeurt in het belang van de leerling;

3° ouders zich niet expliciet verzet hebben, tenzij de regelgeving de overdracht verplicht stelt.

Een kopie van een verslag of een gemotiveerd verslag van een CLB moet verplicht overgedragen worden van de oude school naar de nieuwe school. Ouders kunnen zich tegen deze overdracht niet verzetten.

 

 

  • Gegevens die betrekking hebben op schending van leefregels door de leerling mogen nooit aan de nieuwe school doorgegeven worden.
  • Bij schoolverandering deelt de school het aantal halve dagen ongewettigde afwezigheid van het lopende schooljaar mee aan de nieuwe school.
  • Artikel 33
  • Afbeeldingen van personen

Voor de publicatie van zowel geposeerde (gerichte) als niet-geposeerde, spontane afbeeldingen van leerlingen wordt aan de ouders expliciet een schriftelijke toestemming gevraagd.

Hoofdstuk 13     Algemeen rookverbod

 

Artikel 34

Het is verboden te roken binnen de volledige instelling, met inbegrip van zowel de gebouwen als de speelplaatsen, sportterreinen en andere open ruimten.

Het is verboden te roken tijdens de extra-murosactiviteiten.

 

Bij overtreding van deze bepaling

  • zal de leerling gesanctioneerd worden volgens het orde- en tuchtreglement opgenomen in dit schoolreglement;
  • zullen ouders en/of bezoekers verzocht worden te stoppen met roken of het schooldomein te verlaten.

 

Hoofdstuk 14     Schoolverandering

 

Artikel 35

  • De verantwoordelijkheid voor het veranderen van school in de loop van een schooljaar ligt bij de ouders.
  • De nieuwe inschrijving geldt vanaf de dag waarop de directie van de nieuwe school de schoolverandering schriftelijk heeft meegedeeld aan de directie van de oorspronkelijke school.
  • Schoolverandering van het gewoon naar het buitengewoon basisonderwijs kan onmiddellijk zodra de ouders over een inschrijvingsverslag beschikken. De nieuwe school volgt dezelfde procedure als hierboven.

Hoofdstuk 15     Ouderlijk gezag in           onderwijsaangelegenheden

 

Artikel 36

In principe zijn de beide ouders van een minderjarige gezamenlijk verantwoordelijk voor de opvoeding van hun kind. Zij hoeven daarvoor niet gehuwd te zijn of samen te wonen. Zij nemen eensgezind de beslissingen over het onderwijs van hun kind.

De school respecteert de rechten van beide ouders bij alle beslissingen in verband met de opvoeding van de leerlingen zoals:

  • bij de inschrijving van de leerlingen;
  • bij de keuze van een levensbeschouwelijk vak;
  • bij orde- en tuchtmaatregelen;
  • bij keuzes i.v.m. de schoolloopbaan van het kind (bv. zittenblijven of niet);
  • bij de schoolverrichtingen in het algemeen (bv. bij informatie via brief, bij uitnodiging oudercontacten, bij bezorgen van rapporten,…).

De school gaat ervan uit dat zij door de ouders geïnformeerd wordt indien er rekening moet gehouden worden met een specifieke regeling.

Hoofdstuk 16     Levensbeschouwelijke vakken

 

Artikel 37

Ouders kiezen bij de inschrijving van hun leerplichtig kind:

  • dat hun kind een cursus in één der erkende godsdiensten volgt;
  • dat hun kind een cursus niet-confessionele zedenleer volgt.

Als ouders op basis van hun religieuze of morele overtuiging bezwaren hebben tegen het volgen van één van de aangeboden cursussen godsdienst of niet-confessionele zedenleer, dan kunnen ze vragen om een vrijstelling te krijgen. De ouders zorgen dan zelf voor opdrachten. Een vrijstelling betekent nooit dat een leerling minder tijd op school doorbrengt dan de normale aanwezigheid van alle leerlingen.

De klassenraad zal nagaan of de vrijgekomen lestijden zinvol aan de eigen levensbeschouwing zijn besteed. Als dit niet zo is, dan kan de klassenraad de leerling en de betrokken personen hiervan onmiddellijk op de hoogte brengen zodat een bijsturing mogelijk is.

De ouders zijn verplicht deze keuze te maken bij de eerste inschrijving in de school. Deze verklaring wordt ingevuld bij de inschrijving .

De ouders kunnen bij het eind van elk schooljaar hun keuze wijzigen. Ze vragen dan een formulier bij de directeur en bezorgen hem dit voor 30 juni van het lopende schooljaar.

 

 

De ouders kunnen de keuze wijzigen. Wie van deze mogelijkheid gebruik wenst te maken

vraagt in de school een nieuw keuzeformulier aan en bezorgt het vóór 30 juni van het

lopende schooljaar aan de directeur. De nieuwe keuze geldt vanaf de eerste schooldag van

het volgende schooljaar.

 

 

Hoofdstuk 17     Medicatie

Artikel 38

  • 1 De school (alle personeelsleden, middagtoezichters, ….op school die verantwoordelijk zijn voor de kinderen )dient uit eigen beweging geen medicatie toe. Bij ziekte zal ze in de eerste plaats een ouder of een door u opgegeven contactpersoon trachten te bereiken. Indien dit niet lukt en afhankelijk van de hoogdringendheid, zal de school de eigen huisarts, een andere arts of eventueel zelfs de hulpdiensten contacteren.

 

  • 2 De ouders kunnen de school verzoeken om medicatie toe te dienen. Dit dient schriftelijk te gebeuren.

De school kan weigeren om medicatie toe te dienen, tenzij:

  1. die is voorgeschreven door een arts én:.
  2. die omwille van medische redenen tijdens de schooluren dient te worden toegediend .

 

Zij doen dit schriftelijk met vermelding van:

– de naam van het kind

– de datum

– de naam van het geneesmiddel

– de dosering

– de wijze van bewaren

– de wijze van toediening

– de frequentie

– de duur van de behandeling

 

  1. In overleg met de CLB arts kan het personeelslid van de school alsnog weigeren medicatie toe te dienen. In onderling overleg tussen de school, het CLB en de ouders wordt naar een passende oplossing gezocht.

Hoofdstuk 18     Grensoverschrijdend gedrag

 

Artikel 39

Leerlingen onthouden zich van iedere daad van geweld, pesten en grensoverschrijdend seksueel gedrag. Bij vermoeden van inbreuk neemt de school gepaste maatregelen om de fysieke integriteit van de leerlingen te beschermen.

 

Hoofdstuk 19     Groeps-/klasindeling

 

Artikel 40

  • De directie bepaalt autonoom de indeling in groepen.
  • De kleuters worden ingedeeld in groepen op basis van leeftijd. Bij een sterke aangroei van het aantal kleuters in de loop van het schooljaar kunnen de kleuters in een andere groep worden ingedeeld. Nieuwe groepsindelingen in de loop van het schooljaar gaan steeds in na een instapdag.
  • De lagere schoolkinderen worden ingedeeld in groepen op basis van leeftijd.
  • Voor bepaalde activiteiten kunnen de kinderen in andere groepen worden ingedeeld.
  • Een leerling met een leerachterstand of een leervoorsprong ten opzichte van leeftijdsgenoten, kan om pedagogische redenen worden ingedeeld in een andere leerlingengroep dan deze van zijn leeftijdsgenoten.
  • Een kind behoort tot een leerlingengroep als het meer dan de helft van de activiteiten volgt in die groep.
  • In de vestiging van Munsterbilzen worden de klassen aan het begin van ieder schooljaar opnieuw ingedeeld.

 

Hoofdstuk 20     Vrijstelling wegens handicap

 

Artikel 41

Leerlingen met een handicap die gewoon lager onderwijs volgen, maar omwille van hun handicap bepaalde leergebieden of onderdelen ervan niet kunnen volgen, kunnen daarvoor een vrijstelling krijgen indien zij vervangende activiteiten volgen.

De klassenraad beslist, in overleg met het integratieteam, autonoom over de vervangende lessen en activiteiten.

 

Hoofdstuk 20     Hesjes

 

 

Alle leerlingen dragen bij het binnenkomen en het verlaten van de school ( zowel ’s morgens, ’s middags als ’s avonds) een fluoriserend veiligheidshesje. Dit geldt ook voor leerlingen die met de auto naar school komen.

De veiligheidshesjes worden door de school gratis ter beschikking gesteld.

 

Hoofdstuk 21     GSM-gebruik

Het gebruik van een GSM is op school en tijdens schoolse activiteiten niet toegelaten, tenzij anders afgesproken met de klastitularis. Leerlingen, die een GSM mee naar school brengen, doen dit op eigen risico en dienen deze tijdens de schooluren in de boekentas te bewaren. Als een leerling betrapt wordt op het gebruik van de GSM tijdens de schooluren wordt deze tot het einde van de schooldag in beslag genomen.

 

 

 

 

 

 

Laatste aanpassing: 16/06/17